• Print

    Livia Meirsman, project manager chez Breast International Group

    “Breast International Group”, kortweg BIG, een internationale vereniging zonder winstoogmerk gevestigd in Brussel, wil borstkankeronderzoek vergemakkelijken door de samenwerking te stimuleren tussen de eigen leden uit alle uithoeken van de wereld – een vijftigtal academische onderzoeksgroepen – en andere academische netwerken en, binnen een specifiek kader, farmaceutische bedrijven. Zo wil de organisatie uiteindelijk bereiken dat patiënten sneller een betere behandeling krijgen en meer kans maken om van borstkanker te genezen. Een gesprek op de bovenste verdieping van het instituut Jules Bordet – waar de “Headquarters” van BIG ondergebracht zijn – met Livia Meirsman, project manager bij BIG.

    Wanneer en waarom werd Breast International Group (BIG) opgericht?

    Livia Meirsman: “BIG werd eind jaren 90 opgericht op initiatief van dokter Martine Piccart (1), die ook voorzitster is. Destijds werd wereldwijd klinisch onderzoek gevoerd naar kanker zonder enige vorm van samenwerking. Het was dan ook moeilijk om klinische studies uit te voeren met relevante statistische resultaten, net omwille van dit gebrek aan samenwerking, vooral als het ging om heel specifieke vormen van borstkanker. Van daaruit is de idee gegroeid om zo veel mogelijk onderzoeksgroepen te verenigen, om de samenwerking te globaliseren en de diverse resources en expertises samen te brengen, niet alleen om de klinische studies zelf te kunnen uitvoeren, maar ook om te beslissen over de onderzoeksprioriteiten.”

    Hoe werkt deze groep in de praktijk? 

    “BIG is in feite een consortium van 47 groepen uit alle uithoeken van de wereld. Zij vormen samen de algemene vergadering van de ivzw. Elk jaar organiseren we 2 grote wetenschappelijke vergaderingen waarop zowat alle leden/groepen aanwezig zijn (vertegenwoordigd door zo’n 70 artsen). Om praktische, maar ook om financiële redenen sluiten we aan bij een internationaal oncologiecongres dat al op de kalender staat. Op deze vergaderingen krijgen onze leden de kans om hun onderzoeksprojecten voor te stellen, te debatteren over de wetenschappelijke relevantie van deze projecten en samen te werken om zo snel mogelijk resultaten te kunnen voorleggen.

    In de loop van het jaar organiseert BIG ook tal van andere vergaderingen en teleconferenties om deze projecten toe te passen of gewoon op te volgen, naargelang de betrokkenheid van BIG bij een bepaald project. Het gaat om onderzoeksprojecten die opgestart zijn binnen deze groepen of door de wetenschappelijke directie van BIG, al dan niet in samenwerking met farmaceutische bedrijven. Alle projecten voldoen aan de principes van academische onafhankelijkheid, zoals vastgelegd in ons Charter.”

    Welke diensten biedt u nog aan de leden van het consortium, naast deze wetenschappelijke vergaderingen?

    “Eerst en vooral hebben de leden uiteraard toegang tot de resources van ons netwerk zodat zij ervaringen en informatie kunnen uitwisselen, medische praktijken kunnen verbeteren, … Daarnaast beschikt BIG over een enorme knowhow op het vlak van internationale klinische studies die wij kunnen delen met onze leden. Zo is er bijvoorbeeld onze juridische ervaring: ons team is perfect in staat om te onderhandelen met farmaceutische bedrijven over gevoelige onderwerpen, zoals intellectuele eigendom of de opslag van “biologische stalen” voor klinisch of translationeel onderzoek.

    BIG LogoKernpunt uiteraard, financiering... Hoe worden uw activiteiten gefinancierd?

    “Enkele van onze activiteiten worden betaald door farmaceutische bedrijven in het kader van studies die, geheel of gedeeltelijk, worden gevoerd door BIG en gefinancierd door deze bedrijven. Dan zijn er nog private giften, voornamelijk van private stichtingen en andere liefdadigheidsinstellingen. Een andere, rechtstreekse bron van financiering zijn de “bijdragekosten aan het netwerk” die onze leden betalen voor elke nieuwe studie die ondersteund wordt door het netwerk van BIG. Bovendien betalen onze leden een jaarlijkse bijdrage, die bescheiden blijft zodat ook academische onderzoeksgroepen uit minder sterk ontwikkelde regio’s lid kunnen worden. En dan zijn er de Europese subsidies die worden vrijgemaakt voor specifieke projecten.

    Bijvoorbeeld voor het project TRANSBIG, dat gecoördineerd wordt door BIG. Het eerste belangrijke initiatief van dit project is een internationale klinische proef met de naam MINDACT (MIcroarray for Node Negative and 1 to 3 positive lymph NodeDisease may Avoid ChemoTherapy). Dit is een echt innoverend project! Op grote schaal een test valideren waarmee we een genoomprofiel kunnen opstellen van een kankergezwel om te bepalen hoe agressief die is, hoe dit gezwel zou kunnen evolueren en, naargelang het geval, hoe groot de kans is dat de kanker terugkomt. In de praktijk gaan we bepalen welke patiënten chemotherapie nodig hebben na de chirurgische ingreep (adjuvanstherapie) en voor welke patiënten dit geen nut heeft. Zo weten we dat 15 % tot 20 % van de patiënten geen chemotherapie nodig heeft na de operatie. De vraag is natuurlijk welke patiënten… Als dit project efficiënt blijkt, kunnen we tal van patiënten een onnodige adjuvanstherapie besparen en zo ook de onaangename bijwerkingen. Nog een voordeel, van financiële aard, is dat de gezondheidssystemen zich op die manier de kosten besparen voor de aankoop van geneesmiddelen die de patiënten niet nodig hebben.”

    Waarom hebt u contact opgenomen met BAO? Dat is toch geen logische stap voor een vereniging als de uwe...

    “We wilden deelnemen aan een projectoproep in het kader van het 7e Europese kaderprogramma, in dit geval het programma “Samenwerking” dat alle onderzoeksactiviteiten financiert die worden gevoerd door diverse onderzoeksinstellingen in een transnationaal samenwerkingsverband in specifieke wetenschappelijke en technologische domeinen. Daar horen wij bij. En omdat het BAO het nationaal contactpunt is in Brussel voor het 7e KPOO hebben we een afspraak gemaakt.

    We hebben 3 of 4 maanden aan dit project gewerkt. Het BAO heeft meegewerkt aan de eerste “brainstorming”, ons geholpen om ons project aan te passen aan de vereisten van het 7e kaderprogramma en ons advies gegeven om ons voorstel uit te werken. Kortom, professionele en heel belangrijke hulp. Uiteindelijk hebben we geen subsidie gekregen van het kaderprogramma, maar dat kan gebeuren… Hoe dan ook, als vereniging zonder winstoogmerk hadden we zeker niet de indruk dat we bij het BAO aan het verkeerde adres waren. Ze hebben ons meteen gerustgesteld.”

    Opgetekend door Adrien Mintiens - november 2010

     

    1. Martine Piccart is nu hoofd van het departement geneeskunde aan het Instituut Jules Bordet en hoogleraar oncologie aan de Université libre de Bruxelles. In 2006 kreeg ze de titel van Barones toegekend.

     

    Site van Breast International Group