• Print

    Philippe De Moyer, bedrijfsleider van 2Ingis

    Toen het bedrijf van Philippe De Moyer een jaar of vijftien geleden werd opgericht, was dat nog een gewoon tandlabo. Vandaag produceert 2Ingis chirurgische geleiders om gebitsimplantaten op een veilige en precieze manier te kunnen aanbrengen. Een staaltje spitstechnologie dus, maar toch is dit maar een stap in een proces dat deze kleine kmo de richting van de botprothesen moet uitduwen. Gesprek met directeur Jacques De Moyer.

    Wanneer en met welke steun werd het bedrijf opgericht?

    “In het begin, en dat is nu zowat vijftien jaar geleden, ben ik gestart met een tandlabo. Maar eigenlijk sta ik al 35 jaar in het vak. 10 jaar geleden wilde ik mijn knowhow op het vlak van gebitsimplantaten aanwenden om de stap te zetten naar de geleide chirurgie. Met andere woorden, de ontwikkeling van geleidingssystemen die artsen moeten helpen om implantaten te plaatsen op een veiligere en preciezere manier.

    Kort samengevat verliep de start van het bedrijf relatief gemakkelijk omdat ik de tandprothesebusiness goed ken en ik geleidelijk aan met m’n eigen bescheiden spaarcenten, en voor een stuk ook met een vennoot, mijn labo heb kunnen ontwikkelen.

    De problemen zijn dan een jaar of tien geleden opgedoken, toen ik me had toegelegd op de ontwikkeling van geleidingssystemen voor de tandheelkunde, want hier zitten we op het terrein van de R&D. En dat is andere koek...

    Ik moet wel zeggen dat ik gelukkig kon rekenen op heel veel steun, in het bijzonder van het BAO. Zij hebben er met name voor gezorgd dat ik in 2007 van start ben kunnen gaan met 2Ingis, hier in Neder-over-Heembeek, op de site van Solvay.” (n.v.d.r.: Het BAO begeleidt 2Ingis sinds 2005 en steunde het bedrijf in een hele reeks aspecten: opstellen van een dossier voor een R&D-subsidie, marktstudie ter bevestiging van het internationale potentieel van het projet, nieuwheidsonderzoek …)  

     implant dentaireWat zijn de grootste moeilijkheden?

    “Ondanks de aanzienlijke steun waarop we een beroep konden doen, en waar we nu nog een beroep op doen, is de toestand verre van eenvoudig, want de onderneming staat voor belangrijke ontwikkelingen waar heel wat toptechnologie bij komt kijken. Geen makkelijke klus, in het bijzonder met de banken. Die zeggen wel dat krediet mogelijk is, maar zo simpel zit dat niet in elkaar, want banken bieden in principe een paraplu aan wanneer het zonnetje schijnt; bij regen zijn ze daar echter minder scheutig op.

    Gelukkig konden we steeds rekenen op de diensten van het BAO. Het agentschap stond steeds aan onze zijde voor advies inzake financieringen. Zij waren het ook die ons wezen op het Participatiefonds. Probleem is wel dat je geen geld kan krijgen van dat Fonds, als je geen bankkrediet hebt. Dat is dus zo’n beetje als een kat die achter haar eigen staart aan zit. En dat is momenteel een van onze grootste problemen.”  

    En daarom zijn jullie op zoek gegaan naar nieuwe financiële partners?

    “Onder andere, ja. Weet u, voor dit soort projecten geeft de ondernemer zich voor de volle honderd procent. Zelf heb ik alles wat ik had in dit project gestopt. Als er morgen iets gebeurt, dan sta ik zo goed als op straat...

    Maar goed, ik heb toch genoeg geld kunnen vinden om participatiefondsen los te krijgen. Momenteel werken we aan een stevige kapitaalsverhoging met reeds geleende fondsen (800 000 euro) en we kunnen nog eens rekenen op 500 000 euro van de tandem bank/Participatiefonds. En tot slot kijken we ook nog uit naar 900 000 euro extra, afkomstig van privéfondsen. Dat geld is broodnodig, want als je aan R&D doet, dan stapel je eerst de verliezen op vooraleer je de producten of diensten die je hebt ontwikkeld, kunt exploiteren. Gelukkig, trouwens, dat de mensen die ons geld hebben geleend er akkoord mee waren om dat om te zetten in kapitaal, zo kunnen we onze eigen fondsen opkrikken. Die staan er momenteel immers niet al te best voor...

    logoMaar aan de andere kant hebben we wel een product dat uniek is. Uiteraard loop ik de komende maanden het risico om minderheidsaandeelhouder te worden van het bedrijf, met ongeveer 40 %. Maar wat in feite telt, is dat het bedrijfsproject van de grond komt, ook al duwt me dat in een minderheidspositie, in plaats van meerderheidsaandeelhouder te blijven maar de zaak naar de haaien te zien gaan.

    Nog een lesje dat ik uit dit avontuur trek, is dat je je financiële privépartners met heel veel zorg moet uitkiezen, en dat je vooral in zee moet gaan met partners die je filosofie delen wat de return van de investering betreft. Dat is essentieel, vooral als je veel geld stopt in R&D.”  

    Wat is de belangrijkste uitdaging voor de onderneming ?

    “Eerst er in slagen om voet aan wal te zetten in de buurlanden. Je moet een soort basis kunnen leggen waarop je dan de internationale ontwikkeling van het bedrijf kunt bouwen... We zullen dat proberen te doen door grote labo’s in Frankrijk, Duitsland enz. aan te spreken, alsook grote implantatenbedrijven. Zij zijn het die met hun commerciële netwerk en hun verkopers ons product zullen verdelen.”

    Interview door Adrien Mintiens

    Inhet kort

    Naam : Philippe De Moyer
    Geboortejaar : 30.08.58
    Functie : gedelegeerd bestuurder 
    Opleiding : tandtechnicus 
    Activiteitensector:  gezondheidszorg
    Personeelsbestand :  6
    Filosofie : “Beter je bedrijfsproject doen slagen als minderheidsaandeelhouder dan de zaak naar de dieperik te zien gaan als meerderheidsaandeelhouder.”
    Gegevens : Ransbeekstraat 31 , 1120 Brussel - www.2Ingis.com -philippe.demoyer@2ingis.eu