• Print

    Toan Dang Vu en Marc Hermans, gedelegeerd bestuurders van Greenskin DVMH

    Economische crisis of niet, de markt van de groendaken is in volle expansie. Maar op dit moment is er op die markt eerder nog sprake van ambachts- en doe-het-zelfwerk. Dat was ook het uitgangspunt van het ondernemingsproject van Toan Dang Vu en Marc Hermans – samen goed voor 25 jaar ervaring in de bouw – bij de oprichting van Greenskin DVMH: de artisanale aanpak omvormen tot een heuse technologische en industriële oplossing.

    Wat doet Greenskin DVMH precies ?

     “We maken producten voor het “ingroenen” van gebouwen, gevels of daken. Daarom hebben we eind 2008 dan ook onze bvba opgericht. We zijn toen gestart met de ontwikkeling van een nieuw systeem voor het plaatsen van groendaken. Dat was ons eerste product en een echte innovatie in de sector van de groendaken. We hebben dat dan ook beschermd door op Europees niveau een octrooi aan te vragen.” 

    Wat houdt die innovatie precies in?

    “Ons concept berust op onmiddellijk installeerbare groendaken. We hebben namelijk gestandaardiseerde boxen ontwikkeld, de “greenskin boxen”, die we een beetje zoals lego in elkaar kunnen steken. In die modulaire box worden dan het substraat en de planten gezet. Maar uiteraard doen we veel meer dan enkel modules op een dak monteren. We zetten de modules op een zwevende bodem (een soort groen rooster) en verstelbare poten.

    De voordelen van deze oplossing zijn niet te versmaden. Eerst en vooral assembleren we zoveel mogelijk elementen in onze werkplaats en dus niet op de werf zelf. Dat is veel doeltreffender en ook veel goedkoper wat arbeidskosten betreft. Alleen al op dit punt verschillen we van onze concurrenten. Vervolgens moet u ook weten – zonder hier al te diep te willen ingaan op de technische details - dat het installeren van een groendak aannemers voor heel wat uitdagingen plaatst. Een van de grootste uitdagingen is dat het dak waterdicht moet blijven en de vegetatie die op het dak wordt geplaatst, geen wortels mag ontwikkelen. Onze “greenskin box” werd zodanig ontwikkeld dat wortels nooit kunnen doordringen tot het dak van het gebouw. Zo kunnen er tussen het dak en de modules geen licht en ook geen voedingsstoffen komen waardoor wortels zich verder zouden kunnen ontwikkelen.”

    Innovatie... een magische term uiteraard, maar hoe gaat dat precies in zijn werk?

    “Eerst is er een idee, een concept. En dan moet je de middelen vinden om het idee tot ontwikkeling te brengen. Het WTCB (het Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf) heeft ons tijdens de eerste fasen geholpen,
    namelijk de validatie van het concept en het vooronderzoek om dat concept te kunnen klasseren als een innovatie.

    Vervolgens hebben we een prototype kunnen uitwerken met de hulp van het Collectief Centrum van de Belgische Technologische Industrie (SIRRIS). Daartoe hebben we een subsidie gekregen van om en bij de 40.000 euro. Een meer dan welkom duwtje in de rug wanneer je serieus investeert in een innoverend bedrijfsproject waarin je dan nog je eigen centen stopt. Maar met de steun van het IWOIB (Instituut ter Bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel) konden we het project ontwikkelen, het prototype van de “greenskin box” maken en de wetenschappelijke tests van het WTCB in Limelette financieren. Het onderzoek en de ontwikkeling werden begin 2010 afgerond. Het product is nu helemaal klaar. We zijn de laatste details aan het uitwerken. Tegelijk moesten we ook proberen uit te vissen of er al een Europees octrooi in deze zin bestond. Dat was niet het geval... We hebben dan maar ons ontwerp van octrooi opgesteld om dat vervolgens aan te vragen en onze innovatie veilig te stellen.

    Ander cruciaal punt: de marktstudie. Je kan immers geen bedrijf beginnen zonder te weten of er wel een markt voor is, ook al ben je daar zelf rotsvast van overtuigd! Maar op dat vlak hebben we kunnen profiteren van de expertise van het Brussels Agentschap voor de Onderneming (BAO). Uit hun studie bleek heel duidelijk dat de markt van de groendaken in België in volle ontwikkeling is. We pakken dus eerst onze nationale markt aan, maar wel in de wetenschap dat die markt ook in de ons omringende landen sterk aan het groeien is.”

    Die “boxen” die de kern vormen van jullie innoverende project, maken jullie die zelf?

    “Neen, we doen een beroep op een externe industriële onderneming voor de productie van de “greenskin box”. Dat bedrijf heet Euronyl Plastics Group en is gevestigd in Nazareth, in Vlaanderen. Zij spuiten kunststof onder hoge druk in gietvormen. Daarvoor heb je heel dure machines nodig; we hebben daar zelf niet de centen voor en in wezen is het ook onze stiel niet.” 

    toit vertIs Greenskin DVMH commercieel reeds actief op de markt? 

    Voor een stuk wel. We hebben al een paar voorlopige bestellingen. Die zullen wel worden bevestigd de komende weken, zodra we echt in productie gaan. Dat zal in augustus/september zijn. We zullen dan kunnen beschikken over onze eigen stek in Brussel (kantoor, werkplaats, parking, magazijn) dankzij de steun van de GOMB, de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Wat de industriële kant betreft, hebben we een bevestigde overeenkomst met Euronyl. Op de site van Tour & Taxis zijn we ook bezig met de inrichting van een “groendakshowroom.”

    Wanneer denken jullie met Greenskin DVMH het financiële evenwicht te bereiken?

    “In ons businessplan is dat voorzien binnen twee jaar. Dat is snel, maar we hebben ook geen zware infrastructuur te financieren. Momenteel zijn we met drie in het bedrijf maar in juli zullen we nog twee mensen moeten aanwerven, 1 arbeider en 1 tekenaar. We moeten er ook nog bij vertellen dat we in onze werkplaats mensen uit de Brusselse sociale economie zullen tewerkstellen. Voor ons heeft dat een dubbel voordeel: enerzijds zijn de kosten minder hoog en anderzijds, en dat is wel belangrijk voor ons, kunnen we kansarmen aan werk helpen.”

    Wat willen jullie dit jaar bereiken?

    “We hopen dit jaar tussen 10 en 15 projecten binnen te halen. We mikken in het bijzonder op projecten tussen 500 en 1.500 m² groendak. Maar zoals ik daarnet al zei, hebben we al een paar voorlopige bestellingen, en dat terwijl we nog geen enkele marketingcampagne hebben gevoerd. Dat is voorzien voor de tweede helft van het jaar. We zullen ons daarbij toespitsen op de voorschrijvers, en dat zijn dan vooral architecten en projectontwikkelaars.

    Je zei daarnet dat de markt van de groendaken in volle expansie is. Is dat momenteel ook nog zo, ondanks de economische crisis?

    “Ik geef u even een cijfer: het aantal geïnstalleerde m² neemt met 50% per jaar toe. Dat is geen expansie, dat is een heuse explosie van de vraag. Het potentieel is enorm. We hebben deelgenomen aan beurzen in Parijs, Londen, Duitsland en overal zien we hetzelfde enthousiasme. Weinig mensen weten dat, maar er liggen momenteel al vele tienduizenden vierkante meters groendak in Europa, in hoofdzaak op platte daken. En dat zijn doorgaans daken van bedrijven, want zoals u wel weet, bouwen particulieren meestal met een schuin dak. Daarom willen we de markt van de particulieren ook niet links laten liggen. Voor dat segment zullen we een beroep doen op gespecialiseerde onderaannemers.”

    Hoe verklaren jullie die interesse voor groendaken? Een modeverschijnsel?

    greenskin logo“Als je ervan uitgaat dat het milieu maar een modeverschijnsel is, dan geef ik u gelijk. Voor mij is hier wel wat meer aan de hand dan een modeverschijnsel. Eerst en vooral zorgen groendaken voor een natuurlijke airco in de zomer. Wanneer de zonnestralen fel op een gewoon plat dak schijnen, wordt het daaronder behoorlijk heet en moet de airco volop draaien. Met een groendak heb je dat probleem niet meer, omdat het voor een natuurlijke koeling zorgt, en dus voor energiebesparing. Nog een belangrijk element: groendaken spelen ook de rol van stormbekken, met het fundamentele voordeel dat het beheer van 1 m³ regenwater gemiddeld tien keer minder kost met een groendak dan met een stormbekken. Je moet ook rekening houden met het feit dat steeds meer stedenbouwkundige of milieuverordeningen groendaken opleggen.”

     

    Interview door Adrien Maintiens  - mei 2010

    Greenskin DVMH in het kort

    Naam : Toan Dang Vu (54) en Marc Hermans (48) 
    Functie:  afgevaardigds bestuurders
    Diploma’s : Master in Architectuur en Engineering, Ingenieur Openbare Werken, Master in Milieubeheer. 
    Activiteitssector : Tuinaannemer, Landschapsarchitect, Studiebureau
    Aantal banen: 3 momenteel, 5 deze zomer, zonder rekening te houden met de onrechtstreekse jobs voor de assemblage in de werkplaats door socioprofessionele herinschakelingsorganisaties en voor de plaatsing op de werf door onderaannemers. 
    Voornaamste uitdaging voor de toekomst: Zich als ernstig alternatief positioneren op de markt van de groendaken. 
    Motto: Redesigning our common future
    Gegevens : Greenskin DVMH - Katangastraat 10 te 1190 Brussel
    info@greenskindvmh.com - www.greenskindvmh.com/
    Contactpersoon: 0476- 638.205